Tagarchief: Leiden

En de winnaar is…….., oeps, gesloopt

De Van der Klaauwtoren en de woonhuizen aan de Middelstegracht 14-18 zijn de winnaars geworden van de Jonge Monumentenverkiezingen tijdens de Open Monumentendagen van 10 en 11 september. In totaal werden bijna 1500 geldige stemmen uitgebracht.

Die verkiezingen waren georganiseerd door de Stichting Industrieel Erfgoed Leiden en de Historische Vereniging Oud Leiden in samenwerking met de gemeente Leiden om meer aandacht te vragen voor architectuur in Leiden uit de periode na 1940. De Jonge Monumentenverkiezing vond plaats in het kader van Leiden 50 jaar Monumentenstad.

Uit het persbericht Historische vereniging Oud Leiden

Natuurlijk ben ik blij met deze uitslag. Ik heb mij immers in de gemeenteraad ingezet om de voorgenomen sloop van de van der Klauwtoren te voorkomen. Het feit dat de toren nu verkozen is tot Jong Monument 2011 toont aan dat er in Leiden veel meer mensen zijn die vinden dat het gebouw behouden moet blijven. Ik heb hoop dat deze verkiezing de Van der Klauwtoren nog van de ondergang kan redden.

De gemeente Leiden  zit met een probleem. Naast de HVOL en STIEL is de gemeente zelf medeorganisator van de verkiezing.  De vraag is: Hoe kan je aan de ene kant het belang van jonge monumenten in Leiden erkennen door het uitschrijven van een prijsvraag en aan de andere kant een vergunning afgeven voor de sloop van het winnende gebouw?

Ook de Rijksuniversiteit Leiden zit met een probleem. De gemeente weigerde begin dit jaar om de Van der Klauwtoren als gemeentelijk monument aan te wijzen uit angst voor een forse schadeclaim van de RUL. De universiteit ziet geen enkele reden om de toren te behouden en zegt de opbrengsten van sloop en nieuwbouw  nodig te hebben voor de financiering van de restauratie van de Sterrewacht. Bovendien is volgens de RUL de toren ongeschikt voor hergebruik. 

De RUL zal moeten terugkomen op haar standpunt dat de toren geen onderdeel uitmaakt van het Leidse culturele erfgoed.  De uitslag van deze verkiezing bewijst dat dit wel zo is. Ook de financiële verknoping met de, inderdaad prachtig gerestaureerde, Sterrewacht, is een lastig verhaal. De vastgoedportefeuille van de RUL is immers groot en door heel Leiden verspreid. Maar het belangrijkst is: de toren is prima geschikt voor hergebruik. Er is zelfs al een goed, winstgevend, alternatief dat wel uitgaat van behoud van de van der Klauwtoren.

ontwerp Flinterdiep

Ik hoop dat deze verkiezing de discussie over de voorgenomen sloop van de Van der Klauwtoren nieuw leven zal inblazen. Ik hoop dat de gemeente Leiden opnieuw hartstochtelijk zal pleiten bij de RUL voor behoud van de toren. Ik zou bijzonder teleurgesteld zijn in de RUL als zij nog steeds geen gehoor zou geven aan dit terechte verzoek.

ROCview

Uitzicht vanuit het ROCLeiden [in aanbouw] op het Stationsplein-Zeezijde.

Een gemiste kans: de Leidse Architectuurprijs 2011

Zaterdag 25 juni werd op de Dag van de Architectuur, voor de eerste keer de Leidse Architectuurprijs uitgereikt. Een vakjury had tien Leidse gebouwen die recent in gebruik zijn genomen, genomineerd. Het publiek kon via internet stemmen op één van deze  gebouwen. Winnaar werd de renovatie van de Sterrewacht door het Leidse architectenburo Veldman, Rietbroek, Smit.

De Sterrewacht is een belangrijk gebouw in de Leidse cultuurhistorie maar is in de loop der tijd zwaar verwaarloosd. Mede dankzij een rijkssubsidie van € 2,8 miljoen kon het rijksmonument worden gerenoveerd. En inderdaad het resultaat is prachtig en een absolute aanwinst voor de stad. Maar is deze renovatie ook de eerste Leidse Architectuurprijs waard?

Er staan in Leiden ongeveer 3000 monumenten. De Leidse historische binnenstad is misschien wel de belangrijkste kwaliteit van de stad en een ‘unique selling point’ voor het aantrekken van toeristen, bedrijven en instellingen en daarmee een motor van de lokale economie. Terecht wordt dit cultuurhistorisch erfgoed goed bewaakt en wordt er in de meeste gevallen geïnvesteerd in het behoud en versterken hiervan.

Maar Leiden is meer dan een historische binnenstad die geconserveerd moet worden. Leiden is ook de Stad van Ontdekkingen, een moderne stad die in ontwikkeling concurreert met andere steden in de Randstad, Nederland en Europa.  Een stad die, als zij wil meedoen in deze globale concurrentiestrijd, moet meegaan met haar tijd en daar zelfs op vooruit moet lopen. De Leidse kenniseconomie vraagt om een innovatieve en een vooruitstrevende stadscultuur.

Leiden stond nooit echt bekend om de kwaliteit van haar moderne architectuur. In de meeste architectuurgidsen over hedendaagse architectuur komt Leiden nog niet voor. Maar met de recente ontwikkeling van de woonwijken Roomburg en Nieuw Leyden, het Bio Science Park en enkele grotere gebouwen is de kwaliteit van de Leidse moderne architectuur de laatste jaren enorm  toegenomen.

De bedoeling van de Leidse Architectuurprijs is om deze kwaliteit van de moderne architectuur in Leiden in de publiciteit te brengen. Zo kan Leiden laten zien dat zij niet alleen een conserverende maar ook een vooruitstrevende stadscultuur heeft. Het is dan ook jammer dat de Sterrewacht door de vakjury genomineerd is  voor de Leidse Architectuurprijs. De Sterrewacht is een mooi project maar het is geen goede ambassadeur voor de moderne architectuur van Leiden. Daarmee is deze eerste Leidse Architectuurprijs een gemiste kans en een verkeerd signaal naar de buitenwereld. 

foto’s via site surveymonkey

Nieuw Leyden 9

Nieuw Leyden 1, Nieuw Leyden 2, Nieuw Leyden 3, Nieuw Leyden 4, Nieuw Leyden 5, Nieuw Leyden 6,Nieuw Leyden 7, Nieuw Leyden 8

‘Nieuw Elan’ in de Mirakelsteeg

Geheel onterecht was er weinig aandacht in de Leidse media over het verheugende feit dat woningcorporatie Portaal in maart 2011 de prijsvraag ‘Nieuw Elan’ won met het ontwerp van Han Dijk, Bart Schrijnen en Emile Revier voor de transformatie van de Mirakelsteeg in Leiden. Het is namelijk een geweldig goed plan dat verdere uitwerking verdient. Het ontwerp kan, als het wordt uitgevoerd, een schoolvoorbeeld worden van succesvol binnenstedelijk bouwen in Leiden.

De ontwerpwedstrijd was uitgeschreven door de woningcorporaties Haag Wonen, Mitros, Com•wonen, Portaal en het Stimuleringsfonds voor Architectuur (SfA). Deelname aan de prijsvraag stond open voor jonge architecten, stedenbouwkundigen, landschapsarchitecten, planologen, sociaal geografen, stadssociologen en deskundigen op het vlak van bewonersparticipatie. De opdracht was om op een vernieuwende, kwalitatieve en gedurfde manier een nieuwe toekomst te schetsen voor buurten uit de jaren ’70 en ’80.

De Mirakelsteeg ligt in het centrum van Leiden, achter de Lange Mare. Het is zo’n typische 70’er – 80’er jaren stadsvernieuwingsbuurt, zoals die er zoveel zijn in Leiden. De architectuur is van matige kwaliteit, er wordt alleen gewoond en geparkeerd en de inrichting van de openbare ruimte is weinig aantrekkelijk. Het ontwerpteam  Dijk, Schrijnen en Revier heeft de locatie bijna chirurgisch bestudeerd en maakt van de Mirakelsteeg weer een levendige, groene en aantrekkelijke buurt: Auto’s verdwijnen onder een groen parkeerdek, bestaande huizen worden energiezuinig gemaakt, de huidige structuur wordt verdicht door het afmaken en toevoegen van huizen en er komt weer een buurtwinkel op de hoek.

Het ontwerp voor de Mirakelsteeg is ook interessant omdat het als voorbeeld kan dienen voor de transformatie van andere stadsvernieuwingsbuurten in het centrum van Leiden. Kortom een fantastisch plan dat laat zien dan met veel creativiteit binnenstedelijk bouwen niet alleen meer aantrekkelijkere woningen oplevert maar ook een  mooie en groene leefomgeving.