Tagarchief: tweede wereldoorlog

Levendige nieuwbouw

Vorige week heb ik een peiling gestart over hoe om te gaan met oude dingen. Bij onderhoud onderdelen vervangen is prima, maar iets bijna geheel namaken voelt vaak als bedrog. Als je iets moderns toevoegt moet het natuurlijk wel bij het oude passen en de kosten moeten niet te gek worden. Dat maakt de keuze lastig en zorgt er voor dat de afweging in iedere situatie anders uitvalt.

Peiling

Voor het trekken van conclusies is de uitslag van de peiling niet erg geschikt. Daarvoor hebben niet genoeg mensen gereageerd. Ik laat de peiling dus nog even open staan. Op één punt is de uitslag wel duidelijk: In een mooie oude wijk die door een ramp getroffen wordt laat je moderne gebouwen neerzetten achter gereconstrueerde oude gevels. Je behoudt dan de uitstraling, maar hebt wel gebouwen die aan de moderne eisen voldoen. Al zijn er ook mensen die het niet de perfecte combinatie vinden maar een goedkope en slechte variant van volledige reconstructie. Ook bij reconstructie raak je overigens veel van de oude charme kwijt. Kijk naar het centrum van Dresden: heel mooi heropgebouwd na de ramp van 13 februari 1945, maar meer een museum vol toeristen dan een levende wijk met bewoners.

Dresden   (Bron: twolincolns.wordpress.com)

Ramp is een beetje een vreemde term voor een moedwillig bombardement op burgerdoelen zonder enig redelijk militair nut. De term oorlogsmisdaad lijkt meer geschikt, maar de eindverantwoordelijke is nooit vervolgd voor de moord op 25 000 burgers. Hij was namelijk een van de winnaars van de tweede wereldoorlog en die zien we nog altijd graag zwart-wit als een strijd tussen goed en kwaad. We hebben in Leiden zelfs een van onze hoofdwegen naar deze oorlogsmisdadiger vernoemd: de Chirchilllaan. Schandalig vind ik dat. Laten we die weg als deze heringericht wordt, hernoemen tot 13-februarilaan als een herinnering aan de slachtoffers of, als dat te gevoelig ligt, als herinnering aan de vernietiging van de originele charme van de stad Dresden.

Dresden brandt

Hoe komt het toch dat het zo moeilijk is een nieuwe of zelfs een heropgebouwde stad of wijk dezelfde charme te geven als een oude? Als we daar de vinger op zouden weten te leggen konden we het woongenot in nieuwe wijken verhogen. Of is daar geen manier voor en heeft het gewoon tijd nodig voordat Zoetermeer even levendig wordt als Leiden?

Maandagbijdrage van Jochem Lesparre

Advertenties

Een verlaten koffer

Dit jaar heb ik niet meegedaan aan de herdenking en viering van 4 en 5 mei. Ik ben namelijk op vakantie in Sardinië en ik ben het geheel vergeten. Zo gek is dat niet, in Sardinië was de tweede wereldoorlog eind 1943 al voorbij. Veel Nederlanders zien de invasie in Normandië als het begin van de bevrijding van Europa, maar in het oosten en het zuiden was de bevrijding toen al een jaar in volle gang.

Tanks in de Breestraat

Als het zo uit komt doe ik graag mee met de collectieve herdenking en viering van de onderdrukking en de bevrijding, maar als even niet zo uit komt sla ik het gewoon over. Ik sta er namelijk vaak genoeg bij stil. Die momenten waarop ik (vaak onverwacht) aan de tweede wereldoorlog herinnerd wordt, zijn vaak zelfs veel indringender dan het geplande collectieve herdenken. Een oude foto van militairen in je eigen stad, zo recent dat sommige van de personen op de foto nog in leven zouden kunnen zijn: Dat brengt het veel dichterbij. Natuurlijk is het belangrijk om het grote verhaal keer op keer te vertellen: 60 miljoen doden waarvan meer dan de helft burgers. Dat zijn schokkende aantallen, maar ook zo abstract dat je het nauwelijks kan bevatten.

Stenen koffer

In de Leidse binnenstad staat een tweedewereldoorlogsmonument van op verspreide locaties geplaatste stenen koffers. Een koffer op straat waarvan je denkt: “Waar is de eigenaar gebleven?”, is veel minder abstract. Ik zie die eigenaar bijna voor me staan, daar bij mij in de straat met een haastig gepakte koffer, klaar om onvrijwillig opweg te gaan naar onbestemde bestemming, waar de bagage vervolgens van geen enkel nut bleek te zijn. Dat vind ik een veel belangrijker manier van herdenken en dat kan het hele jaar door.

Maandagbijdrage van Jochem Lesparre

Wat betekent een boom voor de stad?

In de Kaiserstraat stonden tot voor kort enorme bomen. Deze Zilveresdoorns duwden met hun wortels echter de bestrating zo ver omhoog dat het hinderlijk werd, maar opnieuw bestraten had weinig zin zolang de bomen daar nog met hun wortels stonden te duwen. Van wortels afzagen zouden de bomen instabiel kunnen worden, dus zat er volgens de gemeente maar een ding op: vervangen voor een soort die minder oppervlakkig wortelt. De bomen werden ter dood veroordeeld voor het hebben van wortels. Dat voelt toch een beetje als een mens veroordelen omdat hij/zij ademt. Was er echt geen andere oplossing? Maar daar wil ik het hier niet over hebben.

Kaiserstraat met bomen in Google Maps Streetview

Het eerste weekeinde nadat de bomen omgezaagd waren, ging ik met mijn 6-jarige zoon kijken of we konden achterhalen hoe oud de bomen waren geweest. Zelfs bij de meest glad afgezaagde boom was het lastig te zien. Dus gingen we met schuurpapier aan de slag om de zaaggroeven te verwijderen. Dat trok de aandacht van heel wat zaterdagmiddagpassanten. De een na de andere voorbijganger vroeg: “Wat we deden?”, “Waarom de bomen weg moesten, waren ze ziek?”, “Wat voor bomen waren het?”, “Kan je als je klaar bent voor ons op de stronk schrijven hoe oud de boom was?”. Na flink wat schuren en een beetje olie om de jaarringen duidelijker te maken konden we gaan tellen. Hier en daar was het toch niet zo heel duidelijk, maar uiteindelijk kwamen we op 69 jaar uit. Dus ik schreef op de stam “2011 – ca. 69 jaar = ± 1942”. Midden in de tweede wereldoorlog? Nee, ze zijn natuurlijk na de oorlog pas geplant, toen ze al een paar jaar oud waren. Dat is ook niet zo gek, want in de winter van 1944-1945 was het koud en brandstof was zo schaars dat hun voorgangers toen vast opgestookt zijn.

De boomstronk

Wat ik bijzonder vind is wat er daarna gebeurde. In de weken daarna verscheen er meer tekst op de boomstronk. De een na de andere Leidenaar schreef er iets bij ter nagedachtenis aan de boom, zoals: “Dag lieve boom”, “Bedankt voor je CO2-opname”, “Voortijdig omgehaald, je leven nooit verhaald” en “Ik zal je missen”. Blijkbaar ben ik niet de enige die dat bijzonder vond, want toen ik er van de week een foto van wilde maken bleek juist bij deze boom de stronk nog iets lager afgezaagd en de schijf met de teksten door iemand meegenomen.

De Kaiserstraat zonder bomen

Ik vind het mooi te zien hoezeer de mensen van een stad blijkbaar hun bomen waarderen en niet alleen omdat een boom de stad mooi aankleedt, de wind luwt en de zomerhitte verkoelt, maar ook omdat deze leeft. En als deze dan na bijna zeventig jaar omgezaagd wordt is dat iets om even bij stil te staan.

Bijdrage van Jochem Lesparre