Tagarchief: Breestraat

Een verlaten koffer

Dit jaar heb ik niet meegedaan aan de herdenking en viering van 4 en 5 mei. Ik ben namelijk op vakantie in Sardinië en ik ben het geheel vergeten. Zo gek is dat niet, in Sardinië was de tweede wereldoorlog eind 1943 al voorbij. Veel Nederlanders zien de invasie in Normandië als het begin van de bevrijding van Europa, maar in het oosten en het zuiden was de bevrijding toen al een jaar in volle gang.

Tanks in de Breestraat

Als het zo uit komt doe ik graag mee met de collectieve herdenking en viering van de onderdrukking en de bevrijding, maar als even niet zo uit komt sla ik het gewoon over. Ik sta er namelijk vaak genoeg bij stil. Die momenten waarop ik (vaak onverwacht) aan de tweede wereldoorlog herinnerd wordt, zijn vaak zelfs veel indringender dan het geplande collectieve herdenken. Een oude foto van militairen in je eigen stad, zo recent dat sommige van de personen op de foto nog in leven zouden kunnen zijn: Dat brengt het veel dichterbij. Natuurlijk is het belangrijk om het grote verhaal keer op keer te vertellen: 60 miljoen doden waarvan meer dan de helft burgers. Dat zijn schokkende aantallen, maar ook zo abstract dat je het nauwelijks kan bevatten.

Stenen koffer

In de Leidse binnenstad staat een tweedewereldoorlogsmonument van op verspreide locaties geplaatste stenen koffers. Een koffer op straat waarvan je denkt: “Waar is de eigenaar gebleven?”, is veel minder abstract. Ik zie die eigenaar bijna voor me staan, daar bij mij in de straat met een haastig gepakte koffer, klaar om onvrijwillig opweg te gaan naar onbestemde bestemming, waar de bagage vervolgens van geen enkel nut bleek te zijn. Dat vind ik een veel belangrijker manier van herdenken en dat kan het hele jaar door.

Maandagbijdrage van Jochem Lesparre

Advertenties

LEEG 9

leeg 9: Winkelpand Breestraat

leeg 1, leeg 2, leeg 3, leeg 4, leeg 5, leeg 6, leeg 7, leeg 8

LEEG 8

Leeg 8: winkelpand Breestraat

leeg 1, leeg 2, leeg 3, leeg 4, leeg 5, leeg 6, leeg 7

Een mistige maandag morgen

Play Misty Stan Getz

De Breestraat

img_3108

Op 5 januari 2009 hield burgemeester Henri Lenferink van Leiden zijn nieuwjaarstoespraak. Hieronder een citaat daaruit:

“Velen waren geschokt toen Leiden ergens onderaan bungelde toen het ging om de kwaliteit van de binnenstad als winkelcentrum, zelfs als het om de ambiance gaat scoorden we niet hoog. Hoe kan dat, terwijl we zo’n mooie oude binnenstad hebben? Welnu, zo moeilijk is dat niet in te zien. Onze binnenstad heeft prachtige, onovertroffen plekken die Leiden op zich tot een van de mooiste steden van Holland maken. Maar juist het winkelgebied, de aanloopstraten vanaf het station en de Beestenmarkt, kortom de gebieden waar de winkelende bezoeker primair loopt zien er niet uit. Een rommelige inrichting van de openbare ruimte, schreeuwerige goedkope reclame-uitingen en puien zonder kwaliteit met slechte materiaalkeuzes, overal uitstallingen, geen rust, geen verwijzingen naar de historische kwaliteit die nog aanwezig is. Leiden heeft behalve grotere winkels vooral een kwaliteitsimpuls van de ruimtelijke beleving van het winkelgebied nodig. Het kan en het moet; andere steden gingen ons daarin voor. Er is letterlijk werk aan de winkel. Niet alleen van de gemeente, maar in dit geval vooral ook van de particuliere sector.”img_3103

Terecht constateert de burgemeester dat de kwaliteit van de openbare ruimte in het centrum van Leiden te wensen overlaat.  De burgemeester heeft ook gelijk als hij  de particuliere sector vraagt mee te werken aan de verbetering hiervan. Hij had zelfs ook de Leidse burgers hierop kunnen aanspreken. Maar het is toch vooral de gemeente zelf die verantwoordelijk is voor de inrichting en het onderhoud van de openbare ruimte. Wanneer de gemeente hierin tekort schiet wordt het lastig om de particuliere sector en de burgers te motiveren mee te werken aan de verbetering van die  openbare ruimte.