Tagarchief: GroenLinks

Surveillancestaat leidt tot schaduweconomie?

Dit Weekeinde stond er een interessant opinieartikel in de Volkskrant van Gerhard Hormann. Hij beschrijft een verzameling van trends zoals: ruilen, lenen, 2e hands, couchsurfen, repareren en zelf voedsel verbouwen. Hij ziet hier een verband in als reactie op economische situatie en verzet tegen de surveillancestaat.

de Volkskrant

Hoewel ik aan meerdere van de door hem genoemde trends mee doe of ze op z’n minst een warm hart toe draag, vind ik het verband dat hij er in ziet wat vergezocht. Ook verwacht ik van zulke initiatieven geen grote verandering van de maatschappij. Het gaat om relatief kleine initiatieven die vooral goed werken zolang het om een select gezelschap van idealisten gaat. Zodra het nieuwe er af is, of als het groter wordt, komen er ook oplichters en profiteurs en dan ontstaat de behoefte aan regulering.

Autarkie

Je kunt wel afgeven op de belastinginnende overheid, maar zonder EU zijn we op wereldniveau overgeleverd aan de grillen van de VS. En zonder OZB en BTW en andere belastingen kan er geen fatsoenlijk onderwijs gegeven worden, rijdt er op veel plekken geen openbaar vervoer, wordt de straat niet geveegd, enz. Lokaal dingen zelf wel regelen is fantastisch, maar er is toezicht nodig vanwege de profiteurs. In plaats van alleen bijdragen aan dingen waar jezelf gebruik van maakt, moet je juist uit solidariteit aan alle overheidstaken meebetalen.

GroenLinks

Natuurlijk kan en moet er heel veel beter georganiseerd worden, maar als je de maatschappij echt wil veranderen is er maar één manier: via de stembus!

Maandagbijdrage van Jochem Lesparre

Advertenties

Progressief het oude behouden

Ik schreef hier eerder dat als een kleine zelfstandige winkel het moeilijker krijgt bij verruimde openingstijden is er iets mis met het die winkel. Het laatste GroenLinks-magazine citeert me met: “Blijkbaar trekt die winkel alleen klanten door de locatie, maar biedt deze verder onvoldoende meerwaarde”. Ik ontken dus niet dat de verruiming van openingstijden slecht kan zijn voor de gewenste kleinschalige lokale voorzieningen. Ik betwijfel alleen of dit een slechte ontwikkeling is, want het treft alleen de winkels die geen meerwaarde bieden. Helaas heeft nog niemand op dit specifieke punt gereageerd.

Station 's-Hertogenbosch

Sommige veranderingen moet je bovendien niet proberen tegen te houden. Dat lukt toch niet. Zoek liever naar een manier om het zo te sturen dat de verandering zo veel mogelijk een verbetering is. Daarom ben ik ook GroenLinkser: niet alleen vanwege het groen, maar vooral omdat GroenLinks progressief is. Dat betekent voor mij niet dat alle oude dingen overboord moeten. Het mooist is het als je iets ouds met minimale aanpassingen aan de huidige behoefte weet aan te passen. Zoals de stations in ‘s-Hertogenbosch en Amersfoort waar men een nieuwe loopbrug heeft gebouwd met behoud van de oude perronoverkappingen.

Abtswoudse bos

Helaas zie je dat vaak anders. Niet alleen in de stad, zoals de stations van Leiden en Utrecht, maar ook in het buitengebied. Nu landbouw alleen nog rendabel is als het zeer grootschalig kan en recreatie steeds belangrijker wordt, plant men in de Randstad op veel plaatsen bos aan. Dat is geen bos zoals dat hier voor de ontginning van Nederland stond, maar rechte vakken met brede grasstroken langs de sloten om deze uit te kunnen baggeren, want anders zou er wel eens een natuurlijk moerasbos kunnen ontstaan. Het cultuurlandschap is verdwenen en er is ook geen echte natuur voor terug gekomen. Een slechte zaak.

Cronesteyn

Dat vind ik mooi aan park Cronesteyn, dat is deels gewoon polderlandschap, zoals het honderd jaar geleden ook was, maar dan met paden er door voor de recreatie. Dat moeten we op meer plaatsen doen (de Oostvlietpolder bijvoorbeeld?). Op de internetpagina Wat was waar kan je op oude kaarten zien hoe het originele cultuurlandschap was, als we dat reconstrueren en met wandel- en fietspaden ontsluiten krijgen we een uniek groen cultuurlandschap voor recreatie dat geschikt is voor kleinschalige eco-landbouw.

Maandagbijdrage van Jochem Lesparre

Uit de oude doos: De nieuwe Morsweg

Een groene, compacte stad is de stad van de toekomst. Dat geldt ook voor Leiden. We moeten zoeken naar creatieve en duurzame oplossingen om de schaarse ruimte in de stad de beter te benutten. Als we slim en vooruitstrevend zijn kunnen we Leiden verrijken met meer groen, meer woningen, meer kleine bedrijven, meer kunst, meer speelplaatsen en meer ruimte voor openbaar vervoer en de fiets. Zoals hier op de Morsweg.

Walter van Peijpe

Dit bericht verscheen eerder op http://waltervanpeijpe.com/


							

Reeks: Compact Groen 06-10

bergwoningen copenhagen - big architects

De bouwopgave de komende jaren voor de stad Leiden is om meer te bouwen op dezelfde oppervlakte. De stad zal niet groeien, maar de footprint van de inwoners wordt groter. We hebben onder andere meer vierkante meters woonruimte per persoon nodig. Hoe zorgen we er nou voor dat dat niet ten koste gaat van de kwaliteiten van de stad? Compact of intensief bouwen lijkt het toverwoord. Maar wat is dat nou eigenlijk? Deze reeks gaat op zoek naar projecten, goede voorbeelden van gecombineerd intensief bouwen en groen.

06 medina / daklandschap / eindhoven – naeve brown

07 boshalte / groene bushalte / eindhoven – wvttk architecten

08 groenparkeren / parkeergarage met groene gevel / rotterdam – kuhneco architecten

09 bergwonen / terassenwoningbouw op parkeergarage / copenhagen – big architects

10 daktuin / gezinswoningen onder daktuingolf / amsterdam – NL architects

Stichting ‘LeidsHout’

Foto: Emile van Aelst

Leiden heeft een probleem met bomen. We kappen er teveel en we planten er te weinig terug. Afgesproken is dat gekapte bomen één op één gecompenseerd worden met nieuwe bomen ergens anders in de stad. Financieel is deze regeling afgedekt in het bomenfonds. Hierin zit inmiddels een flinke hoeveelheid geld die niet gebruikt wordt. GroenLinks Leiden stelde hier op 25 maart 2011 schriftelijke vragen over aan het college. GroenLinks wilde graag weten hoeveel bomen er nog gecompenseerd moeten worden en hoeveel geld er in het bomenfonds zit. Eerder, bij de behandeling van de Bestuursrapportage 2010, werd een motie van de ChristenUnie met algemene stemmen aanvaard. Deze motie verzoekt het college om voor de behandeling van de jaarrekening 2010 met een nieuw plan van aanpak te komen voor het niet functionerende bomenfonds. De gemeente heeft dus nog tot juni 2011 de tijd om met een goed voorstel te komen. Ik wacht in spanning af.

Maar naast bovenstaande ‘boomcompensatiezorg’ heeft de ontbossing van Leiden ook een andere interessante component: wat gebeurt er eigenlijk met de gekapte bomen? Mijn vermoeden is dat deze in de versnipperaar terecht komen. En dat is natuurlijk zonde. Veel gekapte bomen zijn prima bruikbaar als leverancier van ‘stadshout’. Hergebruik van stadsbomen is niet alleen duurzaam maar ook goed voor de locale economie. Amsterdam heeft inmiddels een Stichting Stadshout en ook in Utrecht, Groningen en Den Haag zijn initiatieven die het gebruik van ‘stadshout’ als duurzaam bouwmateriaal ontdekt hebben. Het wachten is nu dus op Leiden. Sloopbomen hebben we genoeg en er zit zat geld in het bomenfonds om een ‘Stichting LeidsHout’ te ondersteunen bij de oprichting.

Lees hier meer over ‘stadshout’

Walter van Peijpe