Leegstand winkeloppervlakte Breestraat.

Met de toenemende tendens van consumenten die hun aankopen via het internet doen en de moeilijke tijd voor winkeliers is het belangrijk dat niet alleen de kantorenmarkt in de gaten gehouden wordt, maar wel degelijk ook de ontwikkelingen in de markt van winkelpanden. De Haarlemmerstraat verdient zeker de eerste plaats als winkelstraat in Leiden.

Maar de Breestraat had ik dan toch echt op de tweede plaats geschat. Heb ik het dan mis? Een keer over de Breestraat fietsen leert echter dat er ontzettend veel lege winkelpanden te vinden zijn in deze slagader van Leiden waar ons mooie stadhuis aan ligt. Dat verbaasde mij enorm en dus ging ik het internet op om te kijken hoeveel m2 ik aan lege winkelpanden had gezien. Wat blijkt nou, er staat nog veel meer leeg dan ik zo op het eerste gezicht gezien had.

Op de Breestraat zijn dat in ieder geval (correct me if I’m wrong) de nrs: 19, 29, 38, 47, 52, 116, 117, 122-124, 137 139, 140, 156 en 173. Bij elkaar opgeteld hebben de panden die ik gevonden heb  een winkeloppervlakte van circa 2250 m2! Nu zou ik wel eens willen weten hoeveel procent van het totale oppervlak aan winkelruimte dit van de Breestraat wel niet is. De plannen liggen al klaar om aan de Aalmarkt voor een uitbreiding van circa 8000 m2 aan winkeloppervlak te zorgen.  Waaruit blijkt dat deze schatting in direct verband staat met de vraag naar winkeloppervlak? Schat de Gemeente Leiden met projecten die op de planning staan de vraag naar winkelruimte niet totaal verkeerd in?

Koen Haer

Column nrcnext.nl: Achmeagebouw kleingeestige verrommeling

NRCNext columnist Christiaan Weijts gebruikt in zijn stuk “De kleingeestige verrommeling van Nederland” van 25 maart 2011 het Leidse Achmeagebouw als het toonbeeld van verrommelde, lelijke en onbehaaglijke inrichting van de publieke ruimte. Hij bespreekt de ontwikkeling van gedecentraliseerd ruimtebeleid, zoals minister Schultz dat graag ziet. „De partijen in het veld hebben ruimte en vrijheid nodig om samen zaken van de grond te brengen in hun regio”, aldus de minister volgens Weijts. De columnist komt tot de conclusie dat ondanks het feit dat decentralisatie en kleinschaligheid in het ontwerp van Achmeagebouw zijn toegepast en er rekening is gehouden met de wensen van Achmea zelf, de kwaliteit van de openbare ruimte er niet op vooruit is gegaan. Weijts is dan ook zeer kritisch over de decentralisatie van ruimtelijke ordening. “Lokale overheden hebben doorgaans andere doelen dan het tot stand brengen van een wereld waarin we ons behaaglijk voelen.” Ook van die andere ‘partijen in het veld’, aan wie de minister de ruimtelijke inrichting wil overlaten, valt volgens hem niet veel te verwachten. “De bouwwereld is een keten van elkaar wantrouwende ‘partijen’ die daardoor gezamenlijk de scheppers zijn van een verbluffende puinzooi” aldus Weijts. Maar ook van de invloed van de eindgebruikers zal volgens geen gunstige invloed hebben. Democratische besluitvorming werkt oplossingen in de hand waar zoveel mogelijk ‘eindgebruikers’ mee kunnen leven: “Aangezien uitgesproken ontwerpen nu eenmaal uitgesproken reacties oproepen – zowel enthousiast als afwijzend – zal de winnaar de compromiskeuze zijn, het grijze, het saaie, de middelmaat.” Dat laatste blijkt nu echter juist niet het geval te zijn bij het Achmeagebouw: je kunt ervan zeggen wat je wilt, maar grijs en saai is het niet. Dat blijkt al wel uit het feit dat het de shortlist haalde van de NRC Handelsblad-verkiezing voor het lelijkste gebouw van 2010. Geen middelmaat, maar een uitgesproken lelijk gebouw dus, volgens sommigen.

Lees de gehele column op http://www.nrcnext.nl/columnisten/2011/03/25/de-kleingeestige-verrommeling-van-nederland/

Beleggersvisie

foto uit ropport ABN-AMRO

 Kansen voor kwaliteit, de Nederlandse kantorenmarkt in beeld.

Vorige week verscheen er een rapport over de Nederlandse kantorenmarkt vanuit de beleggersvisie van de ABN-AMRO.  In die zin interessant omdat dit een geluid vanuit de beleggers is. En daar hadden we er nog niet veel van. We vinden allemaal dat we iets aan leegstand moeten doen, maar hoe kijkt de belegger naar het probleem? Het rapport geeft een goed beeld van de situatie en verbindt er conclusies aan. Niet onze mening, maar de invalshoek is interessant. Hieronder integraal de conclusies van het rapport [of lees hier het complete rapport: Kansen voor kwaliteit]

illustratie uit ropport ABN-AMRO

Conclusies: van zorg naar kans

De zorgen over de Nederlandse kantorenmarkt zijn terecht. De actuele leegstandsproblematiek is substantieel en onze analyses van de gebruikersmarkt laten zien dat de leegstand richting 2015 nog sterk gaat oplopen. Aan de ene kant komt dit door een krimpende kantoorwerkgelegenheid. Aan de andere kant lijkt de brede adoptie van vormen van Het Nieuwe Werken door kantoorgebruikers een grote impact te gaan hebben. Alle onderzochte gemeentes krijgen naar onze verwachting te maken met toenemende leegstand. Vastgoedbeleggers worden in belangrijke mate mogelijk blijvend geraakt in hun verdienpotentieel. Voor ontwikkelaars dreigt een lange periode van lage productie, met alle gevolgen voor de achterliggende bouwkolom. De recente ‘sense-of-urgency’ is dus – ons inziens – terecht. Maatregelen zullen moeten worden genomen om de problematiek te lijf te gaan. De vraag is uiteraard: welke maatregelen? De kwaliteitseisen van huidige en toekomstige kantoorgebruikers zijn hoog. Denk bijvoorbeeld aan ambities op het gebied van duurzaamheid. De huidige voorraad (leegstaand of niet) kan niet aan deze vraag voldoen. Een transitieproces is nodig, om gebouwen te laten aansluiten bij de vraag van vandaag en morgen. Van een bouwstop kan dus naar onze mening geen sprake zijn. Wel moet er nieuwe schaarste worden gecreëerd in de Nederlandse kantorenmarkt. Alleen in een schaarstesituatie kan van de gebruiker een reële prijs worden gevraagd voor de geboden kwaliteit. En alleen in een schaarstesituatie blijft er bij beleggers vertrouwen in de positieve waardeontwikkeling van het aan te kopen vastgoed. Deze situatie kan alleen ontstaan door beperking van de uitgifte van nieuwe greenfield kantoorlocaties in combinatie met substantiële transformatie van de bestaande voorraad. Hiervoor zijn nieuwe spelregels en de inzet van alle betrokken partijen nodig. Binnen deze spelregels kan naar ons idee de markt haar werk doen: zorgen vertalen naar kansen.

Gemeenten/Overheid

  • Beperken greenfield kantoorlocaties
  • Faciliteren transformatie

Beleggers

  • Kritischer worden op locatiekwaliteit
  • Investeren in multi-inzetbare gebouwen
  • (Laten) transformeren bestaand kansarm bezit

Ontwikkelaars

  • Nieuwbouw inbreiden
  • Transformeren bestaande voorraad
  • Bouwen flexibele, multi-inzetbare gebouwen

Gebruikers

  • Werken vanuit gedegen huisvestingsstrategie
  • Betalen voor kwaliteit

Stadskunst 22

stadskunst 1, stadskunst 2,  stadskunst 3, stadskunst 4, stadskunst 5, stadskunst 6, stadskunst 7,  stadskunst 8, stadskunst 9, stadskunst 10, stadskunst 11, stadskunst 12, stadskunst 13, stadskunst 14, stadskunst 15, stadskunst 16, stadskunst 17, stadskunst 18, stadskunst 19, stadskunst 20, stadskunst 21 

LEEG 7

Leeg 7: Lobby Verbeekstraat 19-21

leeg 1,leeg 2,leeg 3,leeg 4,leeg 5, leeg 6