Auteursarchief: leidseruimte

Fijnstofmeetproject

Fijnstof is een verzamelnaam voor in de lucht zwevende deeltjes kleiner dan 0,01 millimeter.  Die ademen we in en dat is slecht voor onze gezondheid. De meeste van deze deeltjes worden verspreid door menselijke activiteiten zoals verkeer, industrie, energieopwekking en landbouw, maar ook de zee produceert fijnstof. In Nederland is de concentratie fijnstof erg hoog en dat is zorgelijk ongeacht of de concentratie wel of niet aan Europese normen voldoet. Een veilige concentratie fijnstof bestaat namelijk niet. Het is altijd schadelijk. Er zal dus een compromis gezocht moeten worden tussen de economische belangen en de gezondheidsrisico’s. Om die lastige afweging goed te kunnen maken is er vooral voldoende informatie nodig, over de gevolgen, maar ook over de werkelijke concentraties en verspreiding, zodat we daar ook in de stadsinrichting rekening mee kunnen houden.

Stikstofdioxide

Fijnstof kan ook het broeikaseffect verminderen door het tegenhouden van zonlicht, maar over hoe dat precies werkt is nog veel onduidelijk. Al met al kunnen we in Nederland wel wat meer metingen aan fijnstof gebruiken dan die op de 50 officiële vaste meetpunten. Daarom is een samenwerkingsverband van de overheid en onderzoeksinstellingen, waaronder de Sterrewacht van Universiteit Leiden, onder de naam iSpex een project gestart om gebruikers van een iPhone de concentratie fijnstof op hun locatie te laten meten.

Voor €2,50 kan je een opzetstukje kopen met daarin wat optische filters voor de camera van je iPhone. Het is jammer, maar dat opzetstukje past niet op andere smartphones en zonder kan je smartphone de benodigde metingen van de polarisatie van het licht niet doen.  Op een heldere dag maken vervolgens alle mensen die wel een iPhone en iSpex hebben foto’s van de lucht, die door een bijgeleverde App verstuurd worden. Uit die foto’s kan dan een veel gedetailleerdere kaart van de fijnstofconcentratie gemaakt worden. De kleuren van het zonlicht worden namelijk verschillend verstrooid door kleine deeltjes. Dat is ook de reden dat de lucht blauw is. Welke kleur blauw zegt dus iets over hoeveel fijnstof er is.

Maandagbijdrage van Jochem Lesparre

‘De Leidse School’

Voor sommige mensen is graffiti hetzelfde als vandalisme. In sommige gevallen is dat terecht. Maar het is te makkelijk om elke ‘tag’, ‘piece’ of ‘mural’ als een uiting van crimineel gedrag te bestempelen. Graffiti is ook een eigentijdse vorm van kunst. Net als bij ‘gewone’ kunst is er bij graffiti een groot verschil in kwaliteit. Net als bij ‘gewone’ kunst kan graffiti geëngageerd, schokkerend of soms alleen maar esthetisch zijn. Het grootste verschil met ‘gewone’ kunst is dat graffiti ‘tentoongesteld’ wordt in de openbare ruimte. Dit maakt dat graffiti/streetart, gewild of ongewild, een onderdeel is van de moderne stadscultuur.

leidse school

In de jaren 80 was de graffitikunst van de ‘Leidse School’ ‘wereldberoemd’. Nu kent Leiden geen grote graffiticultuur meer. Toch zijn er wel, als je goed kijkt, mooie en minder mooie voorbeelden te vinden van graffiti/streetart in onze stad. Hieronder een paar werken, die ik in de loop van de jaren heb gefotografeerd. Heb je zelf Leidse streetart gezien, mail dit dan naar  leidseruimte@xs4all.nl dan plaats ik het op onze site.

Klik op de foto’s voor een vergroting.

stadskunst-9-8stadskunst-6

stadskunst-9 stadskunst-x

graffiti2 stadskunst-koppenhinksteeg

stadskunst-nw-rijn stadskunst-2

Geplaatst door Walter van Peijpe

serie over cijfers deel 1

Voor het RAP architectuurcentrum ben ik een avond aan het organiseren over de woningmarkt in de deltametropool. Op het eerste gezicht niet een sexy onderwerp en geloof daarnaast dat niemand zich onderdeel voelt van zoiets als ‘woningmarkt’ als wel ‘deltametropool’. Toch zijn we allemaal meer deltametropolitaan dan we denken. Misschien zijn we in Leiden wel het deltametropolitaanst. Maar daar over een andere keer meer. Vandaag gaat het meer over de weetjes aan de randen van deze materie. Want als je dan een beetje aan grasduinen bent in publiek cijfermateriaal over het onderwerp kom je toch af en toe best interessante data tegen. Vandaag deel 1 van een nieuwe serie. Verwondering over cijfers.

Heeft u een auto? Er is niet heel lang geleden [februari 2012] een parkeernorm vastgesteld in de raad. http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/images/Leiden/i145569.pdf Kern van het document is dat we parkeerplaatsen tekort komen. Ernaast in vetrood alarmerende cijfers:  ‘In de toekomst zal het aantal auto’s in ons land nog verder groeien tussen de 9 en 50%’ . Eronder een staatje dat aangeeft dat er in Leiden de laatste drie jaar steeds 1% minder auto’s waren en dat dat aan de crisis ligt. Dat zal.

Uit de kerncijfers van de gemeente Holland-Rijnland [2012-2013] lijkt echter een heel ander beeld geschetst. In Leiden is er namelijk sinds 2002 een daling te zien van het autobezit. Vorig jaar waren er op 1 januari 2012 43,501 personenauto’s in de gemeente. Dat lijkt een hoop. Toch is dat slechts 0,69 auto per huishouden. Opmerkelijk als je dat tegenover bijvoorbeeld Alphen [1,26 auto’s per huishouden] zet. Nu kun je direct zeggen dat Leiden een studentenstad is en het getal is vertekend. Toch lijkt dat niet zo. Grote steden als Amsterdam kennen een nog veel lager percentage autobezit per huishouden. En ook de gemeenten tegen Leiden aan kennen een getal van rond de 1 auto per huishouden. Leiderdorp [1,0], Oegstgeest [1,0], Voorschoten [1,1], Katwijk [1,0]. Zeer onwetenschappelijke uitspraak, maar wellicht, hoe stedelijker des te minder auto’s nodig [!] per huishouden. Alles is immers om de hoek. Het beleid is meer bouwen binnen in de stad dus meer huishoudens binnen de stadsgrenzen dus meer stedelijkheid. Volgens de redenatie hierboven zou dat betekenen juist minder auto’s per huishouden.

Als we nu weer de parkeernormen erbij pakken lijken die normen nu ineens vrij royaal. Want als er in Leiden 0,69 auto per huishouden is, waarom zou je er volgens deze norm dan zo’n 1,2 moeten maken voor elke koopwoning tussen 65-90m2 in de binnenstad of 1,0 voor elke huurwoning van die afmeting in de binnenstad? En voor diezelfde woningen in de stevenshof 1,5 en 1,3. Dat moet blijkbaar met minder kunnen gezien de kerncijfers?

Overigens. 92% van alle Leidenaren heeft een fiets. 62% daarvan gebruikt hem dagelijks [bron: staat van leiden 2012] . En voor een verplaatsing in de stad gebruikt ca. 60% van alle leidenaren de fiets. Alle zuid-hollanders bij elkaar [kerncijfers statline] fietsen 1/6 van het totaal aantal gereisde kilometers [incl auto, trein, bus, motor, brommer]. Sterker nog. Gemiddeld fietsen we net zoveel kilometers als we met de trein afleggen [3 miljard].

Moeten we daarom niet eens wat meer nadenken over wat fietsen betekenen in onze stad ? Want kan iemand mij een fatsoenlijke fietsparkeerplaats aanwijzen? Gelijk maar beginnen met het ombouwen van autoparkeerplaatsen naar fietsparkeerplaatsen?

Image

Cijfers dus.

Patrick Colly

De stad van 2033 in 33 woorden

S+RO 1-2013De stad in 2033. Hoe gaat die eruit zien? We zouden het graag willen weten, kunnen er over speculeren, maar een definitief antwoord zullen we nooit vinden. In ieder geval niet voor 2033. We kunnen daarentegen natuurlijk wel nadenken over de ontwikkeling van de stad richting 2033. Welke thema’s zullen domineren? Welke trends zien we nu al die zich zouden kunnen doorzetten? Het tijdschrift S+RO heeft een heel nummer aan dergelijke vragen gewijd. Op 20 maart vond er in Pakhuis de Zwijger (Amsterdam) in dit kader ook een bijeenkomst plaats waar een aantal stedelijke experts hun visie op de toekomst van de stad ook live konden laten horen.

De sprekers presenteerden allemaal interessante verhalen. Sommige enigszins angstaanjagend, anderen juist optimistisch, nuchter of vernieuwend. Een eenduidende conclusie kwam er echter niet. De stad van de toekomst bestaat uit ingrediënten waarvan we nog niet weten hoe ze op elkaar zullen gaan reageren, en hoe ze samen een geheel zullen gaan vormen.

Daarom een overzicht van de thema’s die de weg naar de stad van 2033 lijken te gaan bepalen. De ontwikkeling van de toekomstige stad in 33 termen…

publieke ruimte– stromen – diversiteit – data – uitnodigingsplanologie – machtstrijd –krimp – bottom up – top down – verdichting – kleinschaligheid – energie – netwerksamenleving – stadscentrum – stadsregio – mobiliteit – connectiviteit – leefstijlen – spontane stad – commercialisering – werkgelegenheid – demografie – krimp – vergroening – metropoolvorming – economie – fragmentatie – infrastructuur – digitale ruimte – zorg – segregatie – diversiteit – internationalisering

Nieuwsgierig geworden? Lees dan het hele nummer van S+RO ‘Stad 2033’

Meer weten over de sprekers die in Pakhuis de Zwijger voorbij kwamen?

Hein Eberson – Theatricity over de publieke ruimte als projectiescherm
Eric Frijters – .FABRIC over stadsstromen (voedsel, energie, data etc)
Tjerk Ruimschotel – Supervisor Urban Design Gemeente Groningen
Ton Schaap – Stadsstedenbouwer Gemeente Enschede + DRO Amsterdam
Errik Buursink – DRO Amsterdam over de Amsterdamse binnenstad
Joram Grünfeld – Elan Wonen over de polycentrische stedeling

Bijdrage van: Simone Pekelsma (@simonepekelsma)

Guerilla Art: Multipleks Leiden #3

Twee jaar geleden plaatste ik wat foto’s van Multipleks op dit blog (Multipleks #1 en Multipleks #2), het collectief dat zich gevestigd heeft in het kraakpand op de hoek Schuttersveld/ Stationsweg. Het hoekje, dat in de volksmond ook wel het Gat van Van de Putte wordt genoemd naar de speculant die het gebied liet verloederen, blijft interessant. Al twee jaar lang vraag ik me af waar die deur nou toch voor dient, die op onlogische hoogte aan de zijkant van het gebouw te vinden is. Was het een uitgang? Waarheen dan? Er zijn geen sporen van een brandtrap te zien. En waarom dat gezellige gordijntje? Of is het kunst? Wat is de boodschap?

Ik besloot te zoeken naar foto’s van de oude gevel-situatie. Zou Multipleks er iets mee van doen gehad hebben? Op een foto van een kraakactie van het gebouw in 2006 is in ieder geval nog niets van de deur te zien. Toch kunst dus…?

Op de deur zelf staat te lezen “Cultural relics are irretrievable; please be careful when viewing them“. Een zoektochtje naar deze zin op Google leidde me snel naar K.U.T., oftewel het Kunst Uitschot Team. Het is (was?) een beeldhouwercollectief, dat zich kenmerkt door het op eigen initiatief en of illegaal plaatsen van sculpturen in de openbare ruimte. Zo blijven zij onafhankelijk van de gemeente, welstandscommissies en galeries en bereiken door het ‘verrassingseffect’ gemakkelijker het grote publiek. Anno 2013 zouden we hen “guerilla artists” noemen. Zij eisen een stuk van de publieke ruimte op zonder dat iemand er opdracht voor geeft, veranderen de dynamiek zonder dat iemand hen ervoor betaald.

Het K.U.T. project bij het Gat van Van de Putte heette “Café Cultuur”. Op een foto van de gevel uit november 2008 is een  uithangbord van Heineken te zien. Wanneer je de foto’s van 2006, 2008, 2011 en 2013 naast elkaar ziet, wordt duidelijk dat de gevel telkens in verandering is geweest. Let eens op de steeds wisselende collectie tags en andere grafitti-uitingen. Gratis verrassing en verwondering, steeds opnieuw.

juli 2006

Juli 2006

Uitschot november 2008

November 2008

Multipleks maart 2011

Maart 2011

Multipleks maart 2013

Maart 2013

Prescillia van Noort (@PrescilliavN)